Bremer’s Houthandel vreest voor toekomst
Bremer’s Houthandel, een iconisch bedrijf in Haarlem dat al 152 jaar actief is, staat onder druk door de nieuwe uitstootvrije zone die de gemeente heeft ingesteld. Deze maatregel, die vanaf 2028 van kracht wordt, maakt het voor de houthandel moeilijk om te opereren, aangezien grote dieselvoertuigen niet meer bij het bedrijf kunnen komen.
De houthandel is gelegen aan de Friese Varkenmarkt en valt binnen de grenzen van de nieuwe milieuzone. Dit houdt in dat leveranciers met grotere dieselwagens niet langer hun producten kunnen afleveren. Eigenaar Mijndert de Boer noemt deze ontwikkeling “belachelijk” en wijst op de impact die dit heeft op zijn bedrijf.
Onlangs heeft De Boer de gemeente aangeklaagd om een oplossing te vinden, maar de rechter heeft bepaald dat er eerst zes weken voor bemiddeling moeten worden uitgetrokken. Hij is niet de enige ondernemer die met deze problemen kampt, maar is wel de enige die juridische stappen heeft ondernomen.
Verhuiskosten vormen obstakel
De gemeentelijke regeling is specifiek gericht op zwaarder vervoer en verplicht vrachtwagens om hun lading op centrale locaties af te leveren. Voor Bremer’s Houthandel is dit echter geen haalbare oplossing, omdat houten balken van zes meter niet op een europallet passen. De Boer heeft een dieselbus die tot 2028 kan rijden, maar hij werkt met vijftig leveranciers die niet in staat zijn om over te schakelen naar elektrische vrachtwagens.
Met zijn 152-jarige geschiedenis is Bremer’s Houthandel het op twee na oudste bedrijf van Haarlem. Het werd opgericht door Willem Frederik Bremer en zijn broer in 1874. De Boer, die het bedrijf in 1992 van zijn vader overnam, hoopt dat zijn schoonzoon de zaak kan voortzetten, maar de huidige situatie maakt dit onzeker.
Veel vergelijkbare bedrijven hebben hun activiteiten al verplaatst naar bedrijventerrein Waarderpolder, wat steeds meer druk legt op de historische locaties aan het Spaarne. Een verhuizing zou De Boer echter tonnen kosten, onder andere door het transport van grote zaagmachines. Hij staat open voor een ruil van grond met de gemeente als er een aantrekkelijke locatie beschikbaar komt.
Toekomstige mogelijkheden en frustraties
De Boer verwerkt lokaal hout, zoals dat van bomen die door stormen zijn omgevallen. Hij is trots op zijn vak en wil dit graag blijven doen, maar de nieuwe milieuzone maakt zijn toekomst onzeker. Hij kan zijn eigen transportproblematiek oplossen, maar niet die van zijn leveranciers of klanten.
Bovendien frustreert het De Boer dat zijn buurman, een benzinestation, een ontheffing heeft gekregen voor de nieuwe regels. De gemeente heeft aangegeven geen verdere ontheffingen te willen verstrekken. De Boer hoopt dat het bemiddelingstraject tot een positieve uitkomst leidt, alhoewel hij zich bewust is van de uitdagingen die voor hem liggen.
